Is de wereld gemaakt in zeven dagen – Wat is een dag?

Is het scheppingsgeloof gevaar voor democratie? Deel 1.

(zie ook het 2e deel van deze beschouwing: De zeven dagen, zeven fasen van bewustwording)

In het Nederlands Dagblad was jaren eerder een artikel te lezen met de titel ‘scheppingsgeloof gevaar voor democratie’. Ik plaats het artikel dat ik destijds als reactie daarop heb geschreven, nog weer eens omdat het naadloos past bij wat er nu aan de hand is in de wereld. In dit artikel een korte samenvatting van de conclusie van het rapport waarover de Raad van Europa destijds zou debatteren en stemmen.
Er viel te lezen: ‘de opvatting dat God de aarde in zes dagen heeft geschapen (het creationisme) vormt een ‘ernstige bedreiging’ voor de mensenrechten. Het geloof in een Schepper is ontstaan uit een ontkenning van de evolutie theorie. Het is niet gebaseerd op feiten en absoluut onwetenschappelijk. Het creationisme is absoluut ongeschikt voor wetenschappelijk onderwijs’. Aanhangers van het creationisme zouden volgens de samenstellers van het rapport de democratie willen vervangen door theocratie.
Een ‘ernstige bedreiging’ door ’religieuze fundamentalisten’, waarop de Raad van Europa moet reageren, ‘voor het te laat is’. De variant op het creationisme (de ‘Intelligent design’ stroming) is ‘niet minder gevaarlijk’.’We moeten oppassen’, aldus samenstellers van het rapport.

We horen overal om ons heen over de Superstaat die gaat komen, waar een bepaalde groep hard voor werkt, middels het onvrij maken van mensen (HAARP (klimaatbeheersingsproject, Chem Trails (smogvangende deken die echter ook zonlicht verhindert de aarde te bereiken waardoor gehele gebieden onvruchtbaar kunnen worden, of gifstoffen worden geconcentreerd), strakker wordende regels, omdraaien van recht, militariseren van politie, inplanteerbare chip, afluister apparatuur, digitale camera’s, GPS, computersystemen, internet, enz. , allemaal zogenaamd om vrijheid, veiligheid, gemak, enz. te waarborgen. Zou de EU, het Europa met zijn nieuwe aangepaste grondwet waar – schrik niet – al zeer veel vrijheden en mensenrechten niet meer zijn gewaarborgd, al begrijp je dit als goedwillende, goedgelovende, op de politiek vertrouwende burger niet direct, die superstaat kunnen zijn, of een poging zijn om deze te verwezenlijken?
We hebben gelezen dat er geen president komt van Europa, dat er geen Europese grondwet komt, enz. Maar wat zijn woorden? Of iemand nu voorzitter genoemd wordt of president, of een reglement nu grondwet of manifest o.i.d. wordt genoemd, maakt geen verschil, de afspraken die er zijn gemaakt worden toch uitgevoerd.. (ondertussen is het 2020/2021. De EU is opgericht in 1993. Uit deze tijd stamt dit artikel).

Waar we ook wonen, waar we ook leven, welke visie we hebben, welke positie we ook innemen, ieder zal kunnen opmerken dat intolerantie ten aanzien van andersdenkenden, religieuze aangelegenheden groter wordt. Vijandschap groeit jegens Christenen, Islamieten, überhaupt gelovigen.
We hebben het over individuele ontplooiing, mensenrechten, zeggenschap, vrij zijn, waarheid, ontwaken, tolerant zijn, niet oordelen, enz., maar het lijkt erop dat deze begrippen aan inhoud verliezen.
In de bijbel is dit proces, de 5e fase in de ontwikkeling van de mensheid beschreven als het Armageddon, de laatste strijd, de Apocalyps, de achtervolging van de vrouw door het beest, de scheiding van de schapen en de bokken, de toename van grote ellende als nooit tevoren, grote wereldomvattende rampen, ziekten, oorlog en geestelijke nood en grote onderdrukking, enz. te lezen (ondermeer in het boek Openbaringen).

Er zijn veel mensen die toch nog geloven dat God in letterlijk 6 dagen de schepping heeft gemaakt. In de boeken van Jakob Lorber valt heel duidelijk te lezen en ook te begrijpen (en na te zoeken) dat een dag verstaan moet worden als een fase en wel als een fase van bewust zijn. Ook de geologie, paleontologie laten zien dat de aarde en het leven met zijn verschillende facetten in fasen is geschapen of zo je wilt, is ontstáán.Iets dat is ontstaan is echter ook geschapen, alleen geleidelijk of zonder duidelijk begin…
Is er meer of minder intelligentie nodig om iets er ‘ineens’ of ‘geleidelijk aan’ te laten zijn?
Kan er uit chaos orde ontstaan als deze chaos geen orde in zich zou hebben?
Kan er uit dood, léven ontstaan of geschapen worden?
Kan er uit niets, íets ontstaan of geschapen worden?
Het is totaal onwetenschappelijk dit te stellen.
Als iets in een bepaalde orde bestaat en functioneert, is het ook uit een bepaalde orde ontstaan, al begrijp je dit niet en kun je die orde niet herkennen en weet je niet waar, hoe, wanneer die orde ontstaat en bestaat. Dat gáát ook lang niet altijd. Helemaal niet als je met je hersenverstand denkt die orde te kunnen aantonen. Immers, denken is beperkt en is alleen mogelijk naar mate en soort van kennis. Denken en gevolgtrekkingen maken daaruit, is en blijft dus een beperkte aangelegenheid. Er is dus in dat denken niet alle bewustzijn voorhanden. Daarom kan het ALLES nooit door verstand worden doorgrond….

Het mag zo zijn dat de creationist denkt dat alle leven ineens is geschapen op een bepaalde dag, de ID (Intelligent Design)-aanhanger of Evolutionist meent dat iets geleidelijk aan is ontstaan, respectievelijk met of zonder ‘intelligente ontwerper’, maar in beide visies is sprake van evolutie en intelligentie. Immers het ‘ineens geschapene’ evolueert door het opdoen van ervaring, voeding, kennis, naar telkens meer inzicht, meer mogelijkheden, mate van bewustzijn of te wel liefde en leven.
Deze liefde uit zich naar aard, wil, bewustzijn en mogelijkheden.
Zo je wil, kun je ook zeggen: naar mate van inzicht, zul je meer weten en meer kunnen.
Of nog anders gezegd: licht haalt duisternis weg. Kennis van wat waar en goed is haalt onwetendheid weg.
Waar liefde is, zal wat waar is duidelijk worden. Het wordt dan lichter.
Waar liefdeloosheid is, blijft er onwetendheid en verdeeldheid, dus donkerte.

Iets dat ‘geleidelijk ontstond’ evolueert óók. Alle levensvormen veranderen zowel innerlijk als uiterlijk, naar mate het bewustzijn zich in die vorm - zover als dit voor die levensvorm mogelijk is - aanwezig is.
Als iets niet zou veranderen, zou er geen evolutie zijn, maar stilstand. Zoals iedere wetenschapper weet, leidt dit geleidelijk of snel naar de dood.

Waar de ziel (het innerlijke, het geestelijke, de intelligentie in de vorm, de bezieling) heeft geleerd wat mogelijk was, lost de uiterlijke vorm (het lichaam) op. De ziel komt dan vrij en ongebonden in een geestelijke staat van zijn. De talloze zielen van mineralen, planten en dieren voegen zich volgens wat er te leren valt, volgens de geaardheid, behoefte, wil en het doel bij elkaar, tot er een meer ingewikkelde ziel ontstaat, die meer mogelijkheden heeft, omdat er immers meer bewustzijn, intelligentie (bouwstenen) voor handen zijn. Deze ziel maakt zich met behulp van de engelen (zo je wil bepaalde krachten met bepaalde intelligentie met bepaalde kennis) die deze processen begeleiden, een lichaam. Door dit lichaam is de ziel in staat om op aarde te zijn en talenten te uiten ten dienste van ander leven en om nieuw, hoger bewustzijn (= meer liefde) op te doen en dan ook dit weer te geven.

Zo ontstaan uiteindelijk meer en meer soorten en ondersoorten. De wetenschap deelt naar vorm, eigenschappen, enz. bij een bepaalde groep, in. Hier maakt zij fouten. Dit komt omdat veel nog niet bekend is en er géén rekening gehouden wordt met de ziel, het gééstelijke van de vorm (in plant, dier, mineraal, mens). Zo kan de wetenschap niet altijd precies bepalen waartoe een levensvorm behoort. Zo kan de wetenschap ook geen onderscheid maken tussen dier (aap) en mens, waardoor dieren opgehemeld worden en mensen verdierlijkt kunnen gaan worden, met verval en verlies van zeden, moraal, enz., als gevolg. Waar men onderscheid zou kennen tussen de ziel van een hoogontwikkeld dier en de ziel van een mens zou men veel fouten niet hoeven en ook niet meer willen maken…
Voordat er leven op aarde ontstond, was er niets dan een keer… licht. Een ‘een en al heen en weer schieten’ van elektriciteit in de poging om verbindingen te maken, waaruit het leven mogelijk zou worden. Uit al die elektriciteit en magnetisme als drijfveer ontstonden warmte en koelte, dus winden, gas en ijs, veel licht of minder licht. Voordat het materiële licht ontstond, was er een puur gééstelijke schepping. Een wereld van licht waar alles in evenwicht was. Er was dus nog geen atoom materie. Dat eerste atoom ontstond omdat bewustzijnsdeeltjes (fotonen) zich een weg dachten te kunnen zoeken uit de bron. Ze dachten er vanaf te kunnen, en zonder die bron te kunnen bestaan. De misvatting was evenwel dat geen deeltje geestelijk licht kan ontsnappen en nooit meer niet kan bestaan of ‘ergens anders heen kan’. Immers. Buiten de oerbron die alles was en is en zal zijn, en dus eeuwig doorstraalt zonder eind en eeuwig ontwikkelt, is logischerwijze niet nog een perfecte bron.

Uiteindelijk is er altijd sprake van evolutie. Want het licht en het elkaar opzoeken van deeltjes bewustzijn of het ook afstoten, zorgde voor allerlei eigenschappen, aspecten van het leven. Als we alleen al kijken naar onze aarde zien we eerst een vormeloze kluit vuur, licht waarin volgens de orde van aantrekken en afstoten – lees liefde en niet-liefde – ik gerichtheid en jij gerichtheid – allerlei verschijnselen ontstaan. Licht dat zich verdicht, wordt lucht. Lucht wat zich verdicht, wordt water. Water dat zich verdicht en uit het licht en de lucht stoffen opneemt, vormt de aarde, enz. Het eerste plantenleven vormde zich aanvankelijk door en uit een steeds vrijer geworden bewustzijn dat was gelouterd door alle beweging. Beweging is een eigenschap van leven. Zonder beweeglijkheid, geen leven. Omdat dood onbeweeglijkheid is en tot gevolg heeft, is niet dood grondslag van het leven, maar het LEVEN ZELF. Omdat door dood alles uit elkaar valt, kan dood ook niet scheppen. Omdat liefde alles wil verbinden en dus allerlei beweeglijkheid wil en veroorzaakt, is liefde het leven zelf..

De bron die het leven zelf is, is een geestelijke bron van allerlei intelligentie waarbij alles in perfecte harmonie bestaat. In deze perfectie is dus volop leven, is alles aanwezig en is er van alles in volstrekte vrijheid te beleven. Waar bewustzijn zich afscheidt van die bron – of dat denkt te kunnen doen - ontstaat er dus beperking, onvrijheid, verdeeldheid en wordt dus heelheid verloren.

In wezen was er dus eerst een geestelijk iets, waaruit materie ontstond. Andersom kan natuurlijk niet! Immers, iets dat beperkt, star, onbeweeglijk, afgezonderd en gedeeltelijk is, kan nooit alle intelligentie in zich hebben en zijn! Zelfs de wetenschap weet dat materie maar een DEEL is van IETS dat wél ALLES is en heeft. Immers, materie op zich is altijd maar een polariteit, een deel: de helft van ’de hele zaak’. Wat je ziet en kan onderzoeken is altijd mar een deel van de waarheid. Die echte waarheid is altijd een geestelijke, omdat waar materie is, er al geen volmaaktheid meer is, dus altijd maar een tijdelijke, gedeeltelijke waarheid. De wetenschap ziet alleen dus maar een deel, dus een gedeeltelijke waarheid!

Alles is geest en in wezen dus liefde. Alles wat minder liefde heeft, ontwikkelt zich uiteindelijk via de stof, via materie dus, dus via een bepaald lichaam en dus ook omgeving / leerschool, naar meer en meer willen dienen, vrij zijn en vrij laten, en uiteindelijk heel worden, waarin alles weer geweten en gekund wordt. Deze drang tot heelworden (en dat is liefde) is in iedere levensvorm aanwezig. Het is de kracht, intelligentie (dat wat levend maakt) wat deze levensvorm samenvoegt, doet groeien en in stand houdt. Dit is te zien bij alle levensvormen, voor wie dit aandachtig onderzoekt. Het is te zien aan het feit dat al wat leeft, licht en voeding nodig heeft.

Hoe hoger een vorm is ontwikkeld, des te meer geest (bewustzijn) er al is vrijgemaakt (er is dus al meer bewust geworden). De geest in die vorm heeft dus door de grotere, bredere intelligentie meer wensen, meer behoeften en dus andere doelen dan de geest die een zeer simpele vorm (lichaam) moet maken. Het zal logisch zijn dat een simpele geest geen ingewikkeld lichaam kan vormen, omdat uiteraard daar de intelligentie, licht, bouwstenen voor ontbreken. Hoe zou dus een laag ontwikkelde ziel die bepaalde bouwstenen liefde niet heeft, deze wel kunnen aantrekken? Zelfs de wetenschap weet dat dit niet mogelijk is. Als een hoog ontwikkelde geest in een eenvoudig lichaam zou huizen, dan zou ze enorm lijden omdat ze haar wezen niet kan uitdrukken. Ze zou dat lichaam niet eens bij elkaar kunnen houden..
Mineralen, planten, dieren hebben allemaal weer andere meer eenvoudige tot zeer complexe geest (bewustzijn) van allerlei aard, soort en mate die het gelijke aantrekt. Waar de ziel, geest puur licht is, trekt zij stoffen van gelijke gehalte aan, die al veel minder licht in zich hebben. Dat veel minder licht in zich hebben, laat zich zien als intelligentie die je materie noemt.
De materie is dus gevormd uit bewustzijn dat onvrij geworden is. Het bewustzijn is gevangen in deeltjes die volgens een bepaalde orde iets zijn of uitwerken. Het bewustzijn is een soort van haar licht ontdaan.

De gehele materiele schepping bestaat uit niets anders dan bewustzijn onderweg, gescheiden van haar lichtbron voor dat deel dat ze dat zelf ooit heeft gewild. Bewustzijn dat totaal v rij is, kan niet gebonden worden in een bepaalde structuur, orde, omdat het geheel vrij is. Dat bewustzijn dat totaal ongebonden is, is volmaakt. Gods bewustzijn is totaal vrij en ongebonden en helemaal perfect en heeft alles in zich. Waar bewustzijn, intelligentie, licht uit God de kosmos instraalt maar zich WIL afzonderen van het zuivere dat God is, dan begint het zich te verdichten, wordt het beperkt, heeft het minder licht, wordt het zich minder bewust van zijn afkomst, wezen en doel. Dat bewustzijn beseft dus wel dat het leeft uiteraard, maar het allesomvattende weten en kunnen, is weg. Het kan pas weer komen als dat bewustzijn zich weer bewust wordt van de eigenheid, het wezen dat haar bezielt, doet leven en leidt. Waar bewustzijn zich dus als onderdeel van de grote onuitputtelijke altijd al aanwezige, eeuwig uitstromende levensbron weet en er weer onderdeel van WIL zijn, vergroot zij haar licht door het zich weer meer en meer willen verbinden met ander bewustzijn.
Door het samenvoegen van bewustzijnsstukjes, ontstaan gassen, atomen, later moleculen, stoffen en later ook mengsels. Uit deze stoffen van allerlei soorten, mate, aard van licht is al wat leeft, samengesteld, of het nu gaat om een mug, een planeet, een virus, koe, dino, schelp, zon of mens.
Door het steeds weer aantrekken van meer, beter passend bewustzijn, ontstaan er andere, meer complexe lichamelijke vormen (dat is evolutie) die dat bewustzijn omhullen en in gelegenheid stellen te leven op b.v. de aarde. Dat aantrekken berust op grond van…. Liefde! Immers liefde voor iets doet iets groter worden, omdat je dat wat jou sterk maakt, dat wat je wilt, aantrekt. Dat is een oer wet die er altijd al was en altijd zal blijven, al herkennen mensen deze wetten en het belang en de onvoorwaardelijkheid ervan niet meer.
Het leven IS liefde, omdat alleen wat liefde is, doet samenvoegen. Alles bestaat uit polariteit. De wetenschap weet dit en kan er niet omheen en gebruikt ook juist deze polariteit om er van alles van te maken en door te kunnen doen. Kijk eens naar stroom, wat bestaat uit een zoeken en vluchten van min- en plusdeeltjes elektriciteit. Electromagnetisme is niets anders dan liefde voor het zoveel mogelijk opheffen van polariteit. Alles in welk leven, waar, hoe dan ook, streeft naar eenheid, vrede, een midden, waarin polariteit ophoudt te bestaan. Waar polariteit er niet meer is, is het bewustzijn totaal vrij en wedergekeerd in haar oorspronkelijke vrije, geestelijke bestaan. Ze is dan onderdeel van Gods geestelijke wereld waar er geen verdeeldheid, beperking, dood en lijden meer is.

De vorm is nodig zolang het bewustzijn beperkt wil blijven. Dat wil ze omdat haar liefde niet genoeg is. Ze heeft allelen liefde voor haar eigen wezen, maar niet voor het andere dat ze niet kent, ontkent, of niet wil opnemen. Ze groeit, ontwikkelt dan dus maar deels. Ze blijft dan dus altijd beperkt en lijdt dan altijd naar de mate dat zij beperkt is of vindt dat ze beperkt is. De materiële vorm is nodig omdat anders het bewustzijn erin nooit tot de vrijheid zou kunnen raken, omdat ze dan immers nooit middels het zijn in de stof zou beseffen dat ze gebrek heeft. Ze ervaart juist DOOR het zijn in de vorm, dat ze beperkt is. Ze wordt als het ware gedwongen bewustzijn op te nemen, waardoor ze zich verrijkt en.. in leven blijft. Dat opnemen doet de levensvorm door ademen, voeding, dus eten en gegeten worden. De ene vorm neemt de andere op, doet er het goede mee, door het passende bewustzijn (bouwstenen) op te nemen en het overtollige uit te scheiden. Dat overtollige (zweet, urine, ontlasting, kortom uitscheiding) dient echter weer ánder leven, dat juist dat bewustzijn weer nodig heeft om er door te groeien.

Leven in de vorm, dus in het lichaam doet dus het afgescheidenheid zijn van de Bron ervaren, waardoor het probeert vrij te worden van de beperkingen, het rad van dood en leven, geboren worden en sterven, lijden door gebrek aan kennis en kunnen. Het materiële, lichamelijke leven is er dus alleen maar om terug te komen in een totaal vrij bestaan, waar alle intelligentie dan weer voor handen is en er geen enkele dood, lijden en beperking meer kan zijn. Bijbels gezien hebben we het dan over een ‘leven bij God in de opperste hemel, waar onbeperkt geluk en ontwikkeling, de eeuwigheid lang zal zijn’.

Het sluitstuk van deze evolutie waarbij allerlei zielen zich samenvoegen tot steeds hoger ontwikkelde levensvormen, is de mens. In de mens is ALLE intelligentie, licht uit God - de levensbron - verenigd in steeds weer unieke samenstellingen door al die verschillende soorten, aard, mate van bewustzijn, dus licht. In een mensenziel ontbreekt er niets, al vinden de meeste mensen wel dat er vaak iets mist. Dat is dan niet zo, maar wat wel zo is, is dat iemand zijn bewustzijn maar deels kent, gebruikt, gelooft en wil, of hij wil iets wat niet bij hem past. Dat alles is nu niets anders dan gebrek hebben aan liefde. Acceptatie van wat, hoe iets is, maakt meer heel, want het zorgt ervoor dat je roeit met de riemen die je hebt, waardoor je juist de geschikte verbindingen kan leggen. Goede, eerlijke communicatie (= verbinding leggen) is dus de bedoeling van de mens. Hij dient dus AL zijn bewustzijn in de strijd te gooien door zich uit zoveel mogelijk liefde te willen verbinden met al dat bewustzijn dat hem sterk en gezond doet zijn. Hij maakt dan met zoveel mogelijk liefde het in zich voorradige bewustzijn (licht, liefde) vrij. Het kiempje van zuiverste licht, liefde in hem waarmee hij nog steeds verbonden is, maakt dat voor hem mogelijk. Dat zuivere licht - Gods wezen - in de mens moet dus gebruikt en geraadpleegd.

Wat een mens niet past, laat hij voor wat het is, veroordeelt hij niet, maar hij gebruikt het gewoon niet voor zichzelf omdat dat niet bij hem past. Dat bewustzijn wat hem niet past, kan bij die ander wél passen. Het is dus een oerwet, een oerwaarde dat een mens niet oordeelt, omdat hij anders ALLES zelf zou willen hebben, of NIETS zou willen opnemen en het ook aan ANDEREN niet zou laten of gunnen. Oordelen is dus een liefdeloos iets, waardoor je nooit de JUISTE verbindingen kunt maken, ontevreden wordt, verzwakt en egoïstisch wordt te denken dat jij alles maar kunt doen wat jij wilt.
Als je dat vanuit liefde zou doen, zou je bergen kunnen verzetten, onmogelijkheden mogelijk maken en zou je gezond zijn.
Waar je uit gebrekkige liefde samenvoegt of afstoot, ontstaan er verzwakkingen, gebreken, houd je deze in stand, waardoor ziekte, narigheid en welke problematiek dan ook groeien.
Daarom is het ook een oerwet dat de mens LIEFHEEFT zoals God liefheeft, alles vrij laat en voor ieder mens alles heeft om er heel door te zijn of te worden. Zou ieder mens zoveel mogelijk leven vanuit de zuivere liefde, zou er maar amper lijden zijn. Maar omdat de mens gebrekkig is, omdat hij nu eenmaal zich niet altijd houdt aan de liefde die in zijn hart als geweten laat weten wat wel of niet te moeten doen en te willen, hoort lijden bij het leven en dus ook dood en verval.

De mens is licht, maar hij gebruikt zijn licht onvoldoende, gelooft niet dat dat licht het leven in hem is, en gunt dat ook zijn medemens niet. Hij erkent ook niet meer dat hij bron is van het Grote Licht dat onbeperkt hem zijn kracht en het leven geeft, wil niets meer horen van onvoorwaardelijke liefde die hij gewoon moet doen, want hij wil zijn eigen zin doen, denkt dat hij het beter weet. Hij gelooft niet meer in de kracht van de zuivere liefde God en richt zich niet meer naar diens adviezen, de 10 geboden, die ook niemand meer schijnt te begrijpen, fout worden uitgelegd en met voeten worden getreden tot eer en glorie van… jezelf, het egoïsme, op macht beluste mens. Daarom gaat het niet goed met de wereld. De mens volgt zijn eigenliefde, maar niet de onvoorwaardelijke liefde waardoor er een zegen zou rusten op wat de mens zou doen. Hij zou dan het goede immers kiezen en hij zou de kennis hebben om uit de problemen te komen. Hij zou ze niet eens veroorzaken.. Intelligentie is pas intelligentie als liefde er de basis van is.. Aan hoe het gaat met de wereld zien we hoe het gesteld is met onze liefde en onze inzet ervoor. We hebben het over vrede, maar hebben nog nooit zoveel onvrede gehad en veroorzaakt als in deze tijd.

In de mens zijn alle voorgaande levensvormen verenigd. In een mens zit dus mineraal, alg, vis, plant, alle dieren bewustzijn in telkens weer andere samenstelling. Daarom is ieder mens uniek. Daarom heeft de ene mens meer liefde voor bos, water, lucht, bergen, binnen of buiten, en ga zo maar door. Die eigenschappen zijn immers inherent aan het bewustzijn, de biotoop, voeding, ervaringen, wensen, dat hoort bij dat mineraal-, planten-, dierenbewustzijn dat onderdeel is van die mensenziel.
Deze kennis, ervaringen blijven altijd in een mensenziel aanwezig, omdat niets dat bewustzijn is, ooit verloren kan gaan! Omdat in de mens AL het bewustzijn uit God in hem verzameld is, is de mens vrij om al dat bewustzijn om te vormen met en naar zoveel mogelijk zuiver liefde. Waar een plant, dier zeer beperkt is en alleen maar kan zijn in zijn orde, kan een méns vrij beslissen HOE hij deze orde waaraan hij onderhevig is, invult. Dat is het mooie van het leven. Al naar gelang de biotoop, omstandigheden waarin en waaruit een mensenziel is samengesteld zijn de rassen, culturen, volken met de eigen gebruiken ontstaan.
Omdat Gods licht dus in ieder mens totaal aanwezig is - zij het in het klein en in andere samenstelling - zegt God dat de mens het enige vrije wezen is dat een vrije wil heeft. De mens dient die vrije wil benutten om liefde toe te voegen, waardoor hij zijn arsenaal aan kennis en kracht versterkt, om zodoende meer en meer zijn licht te zuiveren, waardoor hij gelijk gaat worden aan Gods licht dat in hem is en waardoor hij de noodzaak tot zijn in de materie dus langzamerhand kan loslaten en kan terugkeren in een totaal vrij bestaan, wat het doel is van ieder mens, van de hele schepping.
Evolutie is dus niets anders dan dat bewustzijn dat afgescheiden is uit God en dacht God niet meer nodig te hebben, ontdekt dat liefdeloosheid afgescheiden zijn van heelheid, dus geluk inhoudt en dat de weg tot geluk betekent, méér liefhebben, niet oordelen om dan dus weer los te komen van materie die hem eerder aantrok en vasthield en deze dan ook willen gaan loslaten.

Omdat alle bewustzijn - voor ieder mens dus weer uniek anders - in iedere mensenziel aanwezig is, is de mens pas in staat om terug te keren naar zijn Schepper (zo je wilt afkomst, bron, pure liefdesenergie, het Leven) waar alle Intelligentie, volmaakt is.
Een plant, een dier dat sterft, dus waarvan het lichaam, de uiterlijke materiële vorm oplost, trekt haar intelligentie terug uit die vorm. De overgebleven ziel verenigt met andere zielen die hetzelfde zijn, maar ook met zielen die dat bewustzijn in zich hebben dat die ziel nu dan nodig heeft en wenst. Zo ontstaan er dus clusters zielen die een meer veelzijdig, dus complexer, hoger ontwikkeld lichaam kunnen bouwen overeenkomstig hun dan nu ontstane ingewikkeldere ziel en haar nieuwe behoeften. Het voorgaande heeft dus afgedaan, maar is wel de basis voor een (nieuwe) hogere bestaansvorm. Evolutie is dus samenvoegen van bewustzijn, waardoor er meer mogelijkheden komen en dus meer groei en aantrekking nodig is. Hoe meer bewustzijn van goede kwaliteit, dus zuiver licht er is in een ziel, des te vredevoller die ziel is en des te meer mogelijkheden ze heeft om in vrijheid het andere leven te dienen met wie, wat, waartoe zij is.
Geen enkel wezen - hoe nietig of onbegrijpelijk ook - is er voor niets. Alle levensvormen dienen het gehele leven, waarin er een prachtig afgebakend geheel is waarin dat leven werkzaam is. Alles dient elkaar. Niets is voor niets, teveel of dus nutteloos. (Genetische manipulatie verstoort dus veel meer dan men denkt. Het vormt een omweg met meer lijden, al denkt men lijden juist hierdoor te beperken. Je voegt dus in wezen bewustzijn toe aan een levensvorm en haalt dat bij iets anders weg, terwijl je niet eens weet waarom dat bewustzijn er is of ook niet is).

Aantrekking is naar de aard van wat wordt gewild. Wordt er uit liefde en waarheid gewild, dan is de aantrekking goed en maakt deze een gezond communicatie, dus optimale gezondheid. Wordt er uit eigenliefde en beperkte waarheid gewild, dan is de aantrekking verzwakkend en maakt deze ziek. Daarom ontstaan bij tijden bij ieder mens, in iedere mensheid allerlei hiaten, omdat ieder weer iets anders liefde en waarheid noemt. De polariteiten goed en kwaad, liefde en liefdeloosheid, licht en donkerte, weten en onwetendheid, horen bij het leven. Juist uit deze polariteiten dient het midden waarin alles vrede en goed is, en nieuw leven met zo goed mogelijke gezondheid en kansen, te worden geschapen. Het ligt dus aan de mens zijn maat van liefde wat hij aantrekt en dus schept. De mens is schepper van zijn eigen lot.
Hij schept uit liefde of liefdeloosheid. Hij werkt mee aan vrede en vrijheid óf aan verval en lijden. Een tussenweg is er niet. Daarom zegt God ook: ’dien niet God en de mammon’. Je zult kiezen voor onbaatzuchtige liefde of niet. Half half, kan niet.

Dit proces waarbij intelligentie afgezonderd werd door niet te kiezen voor liefde (bewustzijn, weten, leven, alles), maar voor niet-liefde (dood, niet bewustzijn, onwetend), bracht verdeeldheid. Deze staat van zijn, bracht en is lijden van allerlei soort: het niet meer heel zijn, zijn in gevangenschap, beperking, onvrij zijn, onwetend zijn, het zonder licht, zonder God zijn. De bijbel vertelt dit verhaal in ‘de verloren zoon’.
De reden dat de materiele schepping er is, is deze dat het bewustzijn dat zich meer en meer afzonderde, zich verdichtte tot geestelijke clusters, later nevels en uiteindelijk stofdeeltjes (fotonen, elektriciteit). Door de drang zich te verenigen tot het gelijke (cohesie) en afstoting van het ongelijke (adhesie) ontstonden de eerste atomen. Atomen zijn dus niets anders dan megaverzameling van bepaalde intelligentie, die afgezonderd, dus onvrij geworden is (daarom heeft ook een atoom een bepaalde drang alles bij zich te houden om volmaakt te kunnen zijn. Het neemt elektronen op, of staat het af, onder ‘dwang’. Deze dwang leidt echter uiteindelijk tot verbreding van horizon, omdat mogelijkheden groter worden, door vermenging met ook andere deeltjes. Ook in dit proces is een bepaalde orde te zien, die leven en groei mogelijk maakt). Het is dus liefde dat er dwang is, zolang deeltjes ontevreden zijn en zich willen afzonderen, dwars willen denken en niet willen horen bij de liefde en haar orde waarin alles vrij is.

Als atomen zich met elkaar verbinden, ontstaan er moleculen. Als deze moleculen zich met elkaar verbinden ontstaat er een bepaalde stof. Als stoffen zich verbinden met andere stoffen, ontstaan er mengsels. Door inkrimpen, uitzetten, smelten, verharden - allemaal toestanden van wel of niet vrij willen en kunnen zijn door gebrek aan of teveel aan bepaald bewustzijn - ontstaan er allerlei levensvormen. Uiteindelijk zijn er door het zich willen verbinden (het opgeven van de eigenliefde en het willen opnemen van liefde) dus meer en meer mogelijkheden, waaruit het complexe leven bestaat. Als er gebrek is aan een bepaald ‘stukje’ bewustzijn kan de overeenkomstige uiterlijke vorm (cel, orgaan, lichaamsdeel, enz.) niet of niet goed worden gevormd. De vorm wordt dan dus anders, functioneert minder goed, of vertoont andere eigenschappen dan behorend bij wat we verwachtten. We spreken dan van een verzwakking, afwijking, ziekte, handicap, of mutatie. Het genetisch materiaal bevat dus eigenlijk niets anders dan bepaald bewustzijn (eigenschappen) dat uit de materie fijne maar ook grove stoffen naar zich toehaalt waardoor er uiteindelijk iets zichtbaar wordt. Dat is de weg van het zaad naar embryo en verder.

Als we dit begrijpen zien we vanzelf dat in de Oerbron een eindeloze verzameling is van alle soorten bewustzijn (kracht, energie, licht). Deze eindeloze verzameling kun je God of Schepper noemen. Wat is er nu op tegen dat je deze Schepper eert door eer te geven aan die Kracht die liefde is, door deze liefde te onderzoeken, na te streven en eigen te maken? Want dit is het enige doel van religie: Liefhebben, waardoor alles kan zijn zoals het bedoeld is te zijn en alles volgens aard en bedoeling samenleeft in welvaart, harmonie en gezondheid en alle materie eens oplost waardoor pas een volmaakt leven – in de geest dan – mogelijk is. Uit deze Bron komt leven voort, omdat deze Bron het leven zelf is. Deze Bron is dus Schepper en wel vanuit Intelligentie die liefde is, omdat alleen de liefde de potentie heeft zich te verbinden, waardoor pas groei, vervolmaking, ontplooiing en vrijheid en überhaupt léven mogelijk is. Zonder Bron geen leven.
Zonder liefde kan niets ontstaan (evolueren) of geschapen worden. Waar volmaakte liefde is, is geen stof, materie. Daarom zie je deze wereld ook niet. Waar minder volmaakte liefde is, is stof, dus materie, in allerlei gradaties. Dit is de zichtbare wereld, schepping. Al het leven wat we kennen (en nog niet kennen) is dus een bonte verzameling bewustzijn onderweg naar vervolmaking. Alles is dus uiteindelijk géést, bewustzijn, of anders gezegd: liefde in minder of meer volmaaktere vorm. Al deze vormen tezamen dienen elkaar in samengaan, groter worden, leren, ontplooien, sterker worden, enz.

In het dagelijks leven zien we dit in eten en gegeten worden, geboren worden en sterven, groeien en aftakelen, kortom eindeloosheid in verschillende levensvormen en omstandigheden tot alles geleerd is wat mogelijk was en God dan nu als een klein vonkje van alle bewustzijn meegegeven kan worden met die ziel die alle bewustzijn – zij het in grove vorm – in zich heeft.
Nu kan de ziel zich verbinden met haar Geest van God (totaal, zuiver, volmaakt bewustzijn) waaraan zij gelijk kan worden door het ego (grofste, liefdeloos bewustzijn) te elimineren. De ziel moet het dus willen om de liefde in zich sterker en sterker te laten worden. Ze wordt dan zodoende vrijer en vrijer en komt uiteindelijk dan los van de banden van materie, die ze dan ook niet meer wil en niet meer nodig heeft. Waar ze ooit dacht gelukkiger te zijn juist in en door en met de materie, ziet ze dus uiteindelijk in dat materie altijd lijden brengt, beperkt en doodt!

Een mineraal kan alleen maar zeer onbeweeglijk en zeer langzaam groeien door het gelijke toe te voegen. De kristallen. De meer vrije mineralen worden aangetrokken door oplossen van andere stoffen. Het gelijke of dat wat past, wordt opgenomen, waardoor de mineralen in zekere zin beweeglijk genoemd kunnen worden. Ze zitten overal in en dienen alle levensvormen, maar op zich brengen ze niets tot stand.
Een plant kan alleen maar op de plek waar deze groeit, leven. Een plant kan al delen van zichzelf weggeven.
Dat zijn de beste delen van haar wezen. De sporen voor de lagere planten, de zaden voor de hogere, de vruchten waarin het zaad zit, voor de hoogst ontwikkelde planten.
Een dier kan al meer weggeven van zichzelf. Het heeft dus al veel meer liefde en wil het eigene soms al opgeven. Een tor verbindt zich klakkeloos met de wederhelft en legt eieren en weet niet eens dat het eieren waarin haar wezen is samengebald, heeft gelegd. Een vogel is al veel meer kieskeurig en weegt precies af met wie zij paart omdat zij selectief is. Zij heeft al meer liefde voor het echte en voor de kwaliteit van haar nazaten, dat zij zo kieskeurig is en ook moet zijn. Een krokodil is ook al best liefdevol. Ze verzorgt haar eieren en latere jongen prima, maar laat ze ook meteen weer los. Een leeuw draagt het jong zelf, offert hierbij al veel van zichzelf op en koestert, verdedigt de welp en is bereidt het leven te geven. Hogere dieren herkennen voor altijd hun jongen, waar lagere dieren dit helemaal net eens weten dat ze zich hebben voortgeplant..

En dier kan ‘alleen’ maar zijn zoals de drang in het dier is. Het dier kan bewegen. Het kan zich al verbinden met een tegenpool. Dat is het instinct om te paren, waardoor nieuwe leven volgt. Het volgen van instinct, bepaalde kennis die leidt tot handelen - passend bij dit bewustzijn - in een bepaalde vrijheid, is voor ieder dier weer anders. Hoe meer liefde in het bewustzijn, des te meer ontwikkelde intelligentie dat dier heeft, waardoor de zorg voor het andere groter is, des te meer offers, des te meer beleving en opheffen van polariteit gevolg is. De eigenliefde krijgt steeds minder aandeel. De liefde tot het andere wordt steeds groter.

De mensenziel heeft het in zich om zijn ziel tot volledige volmaaktheid te ontwikkelen, maar ook om dit niet te doen. De mens heeft immers een vrije keus. Hij kan in zich een hemel ontwikkelen, maar ook een hel. Anders gezegd: hij kan zijn licht in zich zuiveren, sterk maken en gebruiken, zodat ‘hem een licht opgaat óf hij kan zijn licht verwaarlozen, zwak maken, niet gebruiken, zodat hij onwetend blijft. Waar een mens het niet als het doel heeft om de volmaakte liefde te ontwikkelen, zien we meer en meer verval, degradatie, verzwakking en uiteindelijk dood. Gods troost voor de mens is dat Hij ons leert dat lijden - wat hoort bij het leven - minder wordt al naar gelang je doet wat de Liefde in je wil. God hoeft niet alle eer in die zin dat het je geld, glamour, glitter of lofzangen of rituelen, of zelfkastijding kost, maar God wil – omdat dit Zijn wezen is - dat je de liefde alle eer geeft. Immers, daarmee sla je dus een brug uit lijden naar minder lijden en volgt er een goede gezondheid, een sterke natuur, vrede en gelijkheid voor ieder.

Via het leven in allerlei vormen wordt dus al met al uiteindelijk het oorspronkelijke afgedwaalde (eigenwijze) verdonkerde bewustzijn dat beperkt was en zich haar afkomst niet meer herinnerde, weer bewust van Alles (God). Dat bewustzijn - die ziel - wil dit meer en meer eigen maken als zij immers de waarheid ervan herkent. Zodoende wordt zij meer en meer het evenbeeld van haar Schepper. Evolutie is dus het zich via allerlei fasen weer eigen maken van ooit verloren, versmaadde Intelligentie, waardoor de mensenziel meer en meer Intelligent wordt.

Deze Intelligentie is een liefdevolle intelligentie. Dat is iets anders dan een wetenschappelijke, verstandelijke intelligentie die zonder liefde is. Deze materiële intelligentie wordt dan wel hevig opgewaardeerd, nu zelfs zo dat alles wat riekt naar ‘geloof’, aannemen, niet bewezen zijn, anders zijn’, niet meer mag en zelfs bedreigend zou zijn! Maar het geestelijke bepaalt altijd nog het uiterlijke. De intentie (geest) bepaalt uitwerking en kwaliteit ervan, of je dit nu wil, gelooft of niet!

Zonder geest kan er nooit van zijn levensdagen materie ontstaan.
Materie kan namelijk niet uit materie zijn ontstaan, omdat materie er nooit altijd geweest kan zijn, omdat materie begrensd is, dus tijdelijk. Ieder weet dat alles dat materie is, eens vergaat, oplost (sterven) en eens begonnen moet zijn met het er zijn (geboren worden). Er kan dus nóóit een begin geweest zijn van materie, als er niet een andere kracht vóórgegaan was en nog steeds is! Deze andere kracht die er altijd wel was en geen begin en geen eind heeft, moet dus wel een geestelijke kracht zijn, want de tegenpool van materie is iets onstoffelijks. Deze kracht is dus niet te onderzoeken en in die zin niet te bewijzen. Deze kracht moet dan ook alles in zich hebben. Want als tegenpool van de materie die beperkt is, is de onstoffelijke, geestelijke kracht dus onbeperkt. Het is dus tegelijkertijd de enige kracht, die overal is en alles in zich moet hebben en dus ook alvermogend en alwetend is. Onbegrensde liefde en alle wijsheid ligt dus in deze kracht, sterker nog, zijn deze kracht. Dat kan alleen maar zuivere liefde zijn, want alleen liefde kan scheppen en laten groeien door te verbinden…
Alleen liefde wil alles bij zich houden, alles vrij laten, laat niets los (‘Het leven ligt in Gods hand. Hij laat niet varen het werk zijner handen’). Die geestelijke kracht, die liefde, die leven doet, is dus in al wat is. Zelfs in ogenschijnlijk dode materie. Immers, het licht dat van God af uitstraalt, heeft geen einde en dus geen enkele beperking. Hier zie je echter zo weinig geest, dat de vorm star en doods lijkt. Van binnen is er echter veel beweging (geest, de bewegelijke atomen, elektronen, fotonen, enz.)
Geen wetenschapper kan hier omheen.

Creationisme, Intelligent Design, Evolutie leer, staan niet op zichzelf en zijn op zich niet te veroordelen. Zij zijn delen van elkaar. Als we goed naar elkaar zouden luisteren en kennis van zaken zouden hebben, dus ook van de bijbelse leer zoals deze verstaan dient te worden (en dat kunnen we heel goed leren uit de boeken van Jakob Lorber, Swedenborg), zouden we inzien dat het de wetenschap is die verkeerd bezig is, door het geestelijke uit te sluiten en daarom niet weet wat ze aan moet met Creationisme, evolutie theorie of Intelligent Design!

Met de stelling dat religie of Creationisme gevaar of dreigement voor de democratie is, klopt al met al niet veel… Ook stelt het artikel dat de voorstanders van Creationisme een theocratie willen maken. Oké, een regering met God, wat is daar mee? God is toch de kracht van liefde en waarheid? Wie heeft daar last van? Welke mensen zouden hier iets op tegen hebben? Een aantal vragen of opties dienen zich aan:
- Waarom zou Evolutie theorie wetenschappelijker zijn dan de ID – theorie (denk aan de Kwantum fysica, Max Planck, enz.)?
- Waaruit blijkt wetenschappelijke objectiviteit als voorstanders van de Evolutieleer beperkende, intolerante houding laten blijken jegens aanhangers van het Creationisme?
- De Raad van Europa vindt dat creationisme een bedreiging is voor de democratie, omdat zij fundamentalistisch zou zijn. Is deze houding dan wel democratisch?
- Wie heeft het recht om een visie te weren uit een samenleving waarin ieder mens recht heeft van meningsuiting en geloof?
- Is het niet zeer onwetenschappelijk om überhaupt het geestelijke te weren in visie en beleid?
Het geestelijke is immers – al ken je het niet en kun je dit terrein ook nooit ten volle beleven en bevatten zolang je in het lichaam gevangen bent – de andere helft van de polariteit. De ene helft is materie. De andere helft moet dan de tegenpool van materie zijn. Deze tegenpool heeft die kenmerken die de materie niet heeft. Zij is dus oneindig, onbeperkt, totaal vrij, onzichtbaar, onmeetbaar.
Omdat zij wetenschappelijk dus niet te meten, te onderzoeken is, mag je nog niet zeggen dat geest dus niet bestaat! Juist dit is nu zeer onwetenschappelijk, omdat die zelfde wetenschap stelt dat alles uit twee uitersten (polen) bestaat!
Waarom dus zo’n drukte en negativiteit als men te maken krijgt met geestelijke zaken, dingen die men niet meten en bewijzen kan?
- De Raad van Europa heeft zich niet te bemoeien met inhoud van het onderwijs in lidstaten, want het druist tegen vrijheid in. Ieder land, iedere cultuur, ieder ras, ieder volk heeft zo zijn eigenaardigheden. Gezondheidszorg, cultuur, onderwijs, sociale structuur, enz. zijn gebaseerd op deze specifieke eigenschappen. Het vormt het unieke en pluriforme van de wereld, van de mensheid. Dat is het grote wonder. Waar we één wet, één staat, één religie (en welke dan, die van: ik heb gelijk, ik ben de sterkste, ik bepaal?) toestaan, is de mensheid gedoemd uit te sterven vanwege gebrek aan ontplooiing en vrijheid. God, de kracht van liefde zal dit niet toestaan en kan dit niet toestaan omdat God vrijheid is en brengt. God zal dus voorkomen dat dit gebeuren zal. Anders gezegd: de kracht van de liefde is niet uit te bannen en zal zorgen voor eliminatie (wat lijden is en brengt) van dat wat tegen die liefde ingaat. We zien dit al gebeuren in tal van leed en groeiende onvrijheid. Weer anders gezegd: Wat niet-liefde is, zal zichzelf de das om doen.
Maar waarom wachten tot dit nog omvangrijker zal plaatsvinden…..

Zie vervolgartikel, deel 2: Zeven dagen, zeven fasen van bewustwording

Sonne Hoover

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *