We vieren al eeuwen het Kerstfeest, maar veel mensen weten al niet eens meer waarom dat zo is. Er zijn veel misvattingen en aannamen. Zo zou de kerstboom een heidens symbool zijn en niet passen in de kerstviering. Zo kunnen we nog wel doorgaan. Ménsen hebben altijd wat te vinden van iets…. Het verhaal is in grote lijnen wel bekend, maar waarom Jezus geboren is als klein kind op aarde, veel minder….
Tweeduizend jaar geleden was de mens af gegroeid van inzicht in wie God is. Men begreep de geestelijke betekenis niet meer van de bijbel, dus ook niet van het Kerstverhaal. Sowieso was het lastig voor de doorsnee mens om letterlijke tekst te vertalen naar een diepere, inhoudelijke.
God woonde in een ontoegankelijk licht, staat er in de bijbel te lezen. De mens vatte dit zo op, dat God hoog in de hemel woonde, dus onbereikbaar voor de gewone man.
Wonen is een ander woord voor ‘verblijven’.
Verblijf houden, betekent méér dan wonen. Verblijf houden betekent meer resideren. Regeren, leiden, toezien, meekijken, begaan zijn.
God leidt en begeleidt dus ‘vanuit de hemel’. Als je zegt dat Hij in de hemel woont, wek je de indruk dat God op een bepaalde ‘plaats woont’. De hemel is immers ‘boven’ al is deze onbegrensd. Nee, er wordt geen letterlijke plaats bedoeld met hemel. Wonen in de hemel is een staat van liefhebben wat IS. God noemt zichzelf ook ‘Ik Ben die Ik ben’. Met andere woorden: hij kan niet anders zijn dan hij is, dus onbegrensde liefde. Waar onvoorwaardelijke liefde is, regeert, is dus God! God zegt van Zichzelf dat Hij de Enige, de Oneindige en Volmaakte is. Dat betekent dus dat God overal is.
Ook kan het zijn dat die liefde die God is en bedoelt door jou niet wordt ervaren.
Alleen… waar je geen hemel ervaart, is Hij er voor jou niet! Waar geen liefde is, of er is een verkeerde voorstelling van wat liefde is, ervaar je dus ook geen hemel. Daarom kunnen we ook God niet ervaren zolang we nog afgezonderd zijn van de hemel, dus niet volledig liefhebben. Troost je. Dat is ook niet mogelijk voor een mens op aarde, want geen mens is volmaakt!
Maar… hij kan het wel zoveel mogelijk proberen en wel door zich te houden aan Gods adviezen die we van Hem hebben gekregen.
Al met al zochten mensen op de verkeerde plek naar God. Hij kwam steeds verder van de mens af te staan, omdat de mens Hem niet meer kon herkennen in de wereld en niet kon vinden in zijn eigen hart. Er was zoveel liefdeloosheid gegroeid, dat men dacht dat God zich niet meer om de mensen bekommerde, of zelfs niet bestond.
Ook was er veel schuldbesef. Mensen dachten straf verdiend te hebben. Geen mens kon immers aan al die lastige wetten voldoen! Mensen die God wilden eren en dienen, deden dit dikwijls uit angst en plicht, of… om zich vrij te pleiten, of… om fouten goed te praten. Maar… liefde tot God hebben was in die tijd niet voor ieder logisch en hoe kon je toch met al je menselijke zwakten voldoen aan de strenge wetten? De wet en alle eisen en regels die daarbij hoorden en waaraan moest worden voldaan, vormden een leidraad, maar ook obstakels. De mens verloor alle hoop, want ondertussen werd de mens er door de tempelgeleerden er fijntjes op gewezen dat het volk alleen Gods voorkeur zouden verdienen door veel geld te betalen of hun mond te houden over de misstanden en leugens in de tempel. Het doorsnee tempelvolk meende dat het belangrijk was en vond dat het alle eer, status en geld verdiende. Dat het volk in angst en onzekerheid en armoede leefde, verkochten de tempelgeleerden als wil van God. Zo groeide er eerder verzet tegen God en groeide er liefdeloosheid. Men begreep steeds minder van wat God werkelijk bedoelde met wat er in de bijbel beschreven stond. Men begreep en begrijpt nog steeds niet goed genoeg dat God volmaakt liefde is en dus nooit iemand zou kunnen veroordelen. God zou geen volmaakte liefde zijn als hij de één wel en de ander niet zou toelaten in zijn rijk van liefde. Nee, het is de mens zélf die zichzelf of de ander kansen ontneemt om liefde te doen. De mens zelf bepaalt in wezen hoe hij wil leven en wat zijn voorland is: liefde of niet-liefde. En dan nog, al heb je het nog zo bont gemaakt, God is er die alles begrijpt en weet waarom en waartoe. Hij kan alles nieuw maken en het oude voorbij laten gaan. Alleen… de mens moet dit geloven, aanvaarden en toelaten als een groot cadeau.
Liefde tot God was toen nog niet algemeen. De mens was er ook nog niet rijp voor om uit vrije wil lief te hebben. Er was nog meer voor nodig om te ontdekken dat het de liefde was en is die tot alle veranderingen in staat is en liefdeloosheid onmogelijk maakt, als iedereen maar lief zou hebben!
Sterker was nog het ontzag voor de grootheid van God en Zijn ’ toorn en ongenaakbaarheid’
Men was bang voor de God die onbarmhartig oordeelde en ieder zou sturen naar hemel of hel! Men begon de wetten en adviezen steeds meer letterlijk op te vatten. De wet navolgen werd belangrijker dan de liefde die al die wetten hoorde te verzachtten en alle onrecht en misdaden zouden voorkomen! Het moeten en strafmaatregelen waren dus belangrijker geworden. Men raakte verstrikt in waan te denken het zelf beter te weten, het zelf te moeten uitzoeken, want waarom stopte God niet al die ellende als Hij toch oppermachtig was? In zo’n God wilde je toch niet geloven en in je leven toelaten?
Eigen meningen, maar vooral ook lichamelijke verlangens, verstandelijk redeneren, macht, gewin, zucht naar gemak, ijdelheid, vooringenomenheid, verdeeldheid enzovoort, kregen meer en meer ruimte, wat begrijpelijk zal zijn. Immers, je kunt je wel houden aan duizend wetten, maar als je geen liefde hebt en geen inzicht zul je die wetten houden met pijn en moeite en kosten ze je veel energie zonder dat je je soms grote zwakheden daarbij afleert. Eigenlijk heel goed te begrijpen dat mensen God op de achtergrond zetten. Ze waren meer met angst, gewoonten en plichtplegingen of rituelen bezig dan met liefhebben. Tempelleiders leerden in die tijd het volk wat zij vonden dat het volk aankon. Ze vertelden heel veel belangrijks niet om ook weer eigenbelang en angst voor gezichtsverlies. Ze waren nijdig dat hen de les gelezen werd door menige profeet. En wie te lastig was, werd vervolgd of gedood…
God was onbereikbaar geworden, maar ook te heilig. Ook dat is niet goed. Immers als je van iemand houdt wil je hem dicht bij je hebben, en zelfs dagelijks bij je als steun, raadgever, maatje, hulp of trooster. Maar als je bang bent voor wie je liefhebt, gaat er iets verkeerd! Je zegt dan iemand lief te hebben, maar je schaamt je voor diegene omdat je diep van binnen toch niet zit te wachten op diens raad, advies of aanwezigheid of troost en eigenlijk niet van plan bent om de goed bedoelde hulp, adviezen, kennis te gebruiken. Daar is ook al iets mis. Want, al zou je werkelijk van iemand houden, is er geen oneerlijkheid, tweeslachtigheid, schaamte, maar ben je eerlijk, een open boek en voel je je veilig en deel je je zorgen en laat je je helpen… Waar dit er niet is, is er geen werkelijk houden van zoals God is en bedoelt voor ieder mens.
Men begreep niet meer dat Gods licht uitstraalt in een mens en dat het de bedoeling is dat de mens moet gaan lijken op God, dus probeert onvoorwaardelijk lief te hebben.
Men begreep niet meer dat een mens alleen maar moest willen lijken op God en hiervoor zoveel mogelijk zijn best moest doen en alleen maar Jezus moet aannemen omdat Deze nu eenmaal mens geworden God is en het voor ieder mens – dus ook voor jou – mogelijk maakte voortaan een beter leven te leiden door het ego te overwinnen en de weg te vinden naar eeuwig leven.
Dat de mens daarvoor als leidraad de adviezen en 10 geboden beschreven in de bijbel had gekregen en maar tijdelijk de wet (het oude testament) ‘totdat de Verlosser, de Messias zou komen Die ‘alles nieuw zou maken en Die ‘de wet zou vervullen’ was naar de achtergrond verdwenen door alle misstanden in de tempel en de gevolgen van geestelijke duisternis en onwetendheid hierdoor bij het volk.
Liefde en wijsheid waren ver te zoeken in de dagelijkse leven. Men moest ervoor naar de tempel, die verworden was tot een schijnwoning van God en waar eerder leugens, omkoperij, uitbuiting van de bevolking aan de orde waren.
De mens zag het licht in het woord van God niet meer. Nu, in onze tijd is bij veel mensen alle licht gedoofd. Omdat veel mensen Gods adviezen niet meer belangrijk vinden of zelfs niet meer kennen, komen er steeds meer wetten en verhard alles en… maakt ieder zijn eigen wet en is God in politieke leiding ver te zoeken. Liefde op de wet loslaten is lastig en rechtspraak ook, zeker als je andere wereldse heren moet dienen uit diverse eigenbelangen of ook weer onwetendheid.
Er is amper meer begrip van wat wezenlijke liefde inhoudt en er is zoveel liefdeloosheid en egoïsme gegroeid, dat je eigenlijk niet veel meer bereikt met milde sancties. Er is daarom een roep om en teneur van meer en meer verharding, waardoor mensen die niet beter weten, of niet meer beter kúnnen door allerlei harteloze omstandigheden of ook onwil, onmacht en wéér onwetendheid, of in nood hun vergrijp begaan, hárder gestraft worden dan mening wetsovertreder. In deze tijd zien we een verdraaide wereld. Leugen lijkt te regeren of normaal te zijn, terwijl het benoemen van of het opkomen voor waarheid niet meer wordt gewaardeerd.
De eenzaamheid en teloorgang van waarden en normen is zo veelomvattend, dat er amper meer hoop is op toch nog een betere wereld. Men gelooft niet meer in ‘sprookjes’.
De hel is ondertussen dus op aarde groter geworden. Want, de afstand tot God en tot mededogen, geduld, zachtheid, vaste wil het goede te doen en hier ook voor in de gelegenheid gesteld worden, moed is vergroot. En dát is hel! Hel is er daar waar liefde te kort is.. Toen en ook nu. Zoveel eigenbelangen staan in de weg, al is het maar om je hoofd boven water te houden te midden van de grote druk door financiële lasten en duurte. Ook jezelf zijn is lastig. We schijnen te moeten voldoen aan wat de media, tv, floggers laten zien, zeggen en leren. We zijn erg van onze waarheid, onze waarde, onze eigenwaarde af gegroeid en stillen verlangen met surrogaten.
God zag dat het 2000 jaar geleden al bergafwaarts ging. Hij wist natuurlijk dat het fout zou gaan. Maar God zou God niet zijn, als ook Hij niet kan tornen aan het hoogste goed – de vrije wil -. En dit is de reden waarom de mens zijn eigen liefdeloosheid en onwaarheid moet ondergaan. Al wat er gebeurt is niet de wil van God, maar gevolg van wat de mens zelf eerder dacht, wilde en deed! God gebruikt al die liefdeloze, domme dingen echter altijd weer ten goede, al hebben we dat niet door. God heeft alles nog steeds in Zijn hand! Hij kan harten veranderen, door gebeurtenissen die God toelaat omdat hij de vrije wil van de mens niet kan weghalen. De mens – ieder mens – is immers een vonk van zijn licht. Hoe zou dan als God vrijheid is, de mens kunnen dwingen?? Dat kan natuurlijk niet. We zullen moeten dulden wat mensen ooit bedachten en willen en deden en doen. Daar kunnen we niets aan veranderen. We kunnen wél dat alles met wijsheid, liefde, geduld, barmhartigheid, mededogen en vergeving bekijken of soms ondergaan, zoals Jezus Zijn beschuldigingen onderging. Vrede begint werkelijk bij onszelf. Kwaad, liefdeloosheid stopt bij ons als we er niet aan mee doen!
De breuk tussen de mens en God was ontstaan door het volgen van de eigen wil. Dat is nog steeds aan de gang. Terugkeer is er alleen als we weer het geestelijk licht zullen herkennen in Gods woord en het Kerstverhaal niet afdoen als een sprookje.
De mens was van God afgegleden, in plaats van dat deze God probeerde te volgen.
De hel – liefdeloosheid – had teveel macht en … aanzien gekregen. Het werd tijd voor een nieuwe orde:
God schiep zich uit de meest verfijnde materie (die bestaat uit liefdeloze geest uit satan, de gevallen engel) een lichaam van vlees en bloed. Gods wezen temperde zich en was de geest in Jezus. God ‘daalde‘ dus werkelijk af naar de aarde, om er via de mens Jezus te laten zien hoe Hij bedoelde dat een mens zou leven. Dit was natuurlijk voor God een niet te benoemen liefdevolle daad. Hij als totaal vrij wezen bracht een offer om 33 jaar als mens gevangen in vlees en bloed op aarde onder moeilijke omstandigheden vast te houden aan de wil van God. Hij liet het zelfs toe berecht te worden, valselijk beschuldigd te worden en de marteldood aan het kruis alsof hij een grootste misdadiger was, te ondergaan. Maar… waar satan nooit op gerekend had – en met hem geen mens – liet Jezus zich na 3 dagen met Zijn niet meer dode, maar levende lichaam zien als bewijs van leven na de dood en einde van pijn en verdriet. Dit bewijs en zijn vredevolle leven vervuld van Gods geest en daardoor tot bevelen, bewegen van hemel en aarde en heersen over leven en dood zou een baken van licht worden voor de mens in verwarring, vertwijfeling, liefdeloosheid en nood. Satan had nooit gedacht dat Jezus Zijn lichaam in bedwang zou houden en onder alle omstandigheden de wil van God in hem zou doen. Satan is zelf immers het wezen dat zichzelf liefheeft en altijd uit eigenbelang zal kiezen voor wat zijn verstand, zijn lichaam wil.
En dit is nu de grote les dat een mens wel kan denken dat hij het kan winnen van zijn lijf, van de materie, van wat de wereld wil, beweert en zegt en waartoe zijn verstand hem aanspoort, maar…. hij kan het tijdelijk lijken te winnen, maar hij verliest het leven van zijn ziel omdat immers door die overtuiging en leefstijl daaruit, hij geen liefde doet, zoals God dit van de mens vraagt en ook nodig heeft, wil de Liefde deze mens voor altijd vrij maken van welke beperking of dood ook! En juist deze daad van liefde dat Jezus werd gekruisigd, maakt het mogelijk dat de mens nu zeker weet dat God dicht bij is en werkelijk alles nieuw maakt.
Met deze daad van liefde door God Zélf in de mens Jezus, werd satan voor altijd de macht ontnomen om de mensenziel te winnen voor, mee te slepen naar zijn rijk van schijn, dood en liefdeloosheid. Dankzij het Kerstkind leerde de mens en kon, kán hij weten, dat er een leven is na de dood, waarin de hemel bereikbaar is geworden. Dit wist de oud -testamente mens nog niet. Hij moest eerst nog leren dat het de liefde is die de weg tot God is en niet het volgen van de wet die in wezen harteloos is en mensen onvrij maakt!
De mens zou voortaan een keus hebben en een voorbeeld van Jezus Christus. Geen mens zou meer kunnen zeggen dat hij het niet wist, niet begreep. Hij kan alleen maar zeggen: ik geloof, wil dat niet! Maar het is een eigen verantwoordelijkheid die keus te maken en niet die van God! Wanneer er sprake zou zijn van onwetendheid en beschadiging door liefdeloosheid zijn er altijd mogelijkheden die op een mens zijn pad komen, als hij van goede wil is, erom vraagt, er voor open staat en.. die dingen op zijn pad ook als mogelijkheid tot licht – goed doen, veranderen ten goede – benut! God toelaten in de vorm van liefde, kansen die geboden worden is dus wel degelijk van groot belang. Je kunt je trots, schaamte of onwetendheid overwinnen of… niet. Dat ligt aan wat jij wilt!
Door dat lichaam te laten doen wat Gods geest in Jezus wilde, louterde Hij dat lichaam dat dus als het ware was afgenomen van satans bewustzijn. Dat liefdeloze hoogmoedige bewustzijn werd omgevormd tot licht, liefde. Zo werd satan onderdanig aan Jezus, al dacht satan gewonnen te hebben.
Het was nodig dat satans bewustzijn waaruit het lichaam van Jezus was opgebouwd werd gelouterd. Immers, satan wilde en wil nog steeds méér zijn dan God. Dat betekent dus dat satan de geest van liefdeloosheid – die hij vanuit zijn hoogmoed meer achtte – vrijwillig zou moeten afleggen. Dat zou hij nooit doen. Dwingen zou God ook hem niet kunnen, omdat in God geen dwang is. Gods plan dat de mens voortaan een nieuwe wet zou krijgen, begon dus met de geboorte van een klein kind. Dat was de nieuwe orde die met de geboorte van Jezus Christus begon.
Ieder die er voor open staat en het wil, zal de wonderen kunnen herkennen als waar en goed. Ieder kan het kind opnemen en het koesteren en voeden. Anders gezegd: ieder kan zijn prille vonkje van liefde laten groeien opdat het groter wordt waardoor ook anderen licht krijgen van zijn licht.
Ieder kan klein worden in de gedachte nooit groot, rijk, voornaam, sterk, slecht genoeg te zijn om het kindje op te pakken, wat hem juist gróót maakt.
Ieder kan in de grot van zijn hart op zoek gaan naar het vonkje dat een vuur kan worden dat die grot verwarmd en ook verlicht, zodat gezien kan worden wat er allemaal in het binnenste binnenste van jezelf – de grot – aanwezig is en ligt te wachten om aandacht te krijgen.
Moge ook dit Kerstfeest een licht zijn op weg uit het donker. Juist te midden van zoveel kou, onzekerheid, angst, ziekte, pijn en leugens. Jezus spreekt met de stem van je ZELF in je eigen hart of dat van een ander. En als dat nog niet lukt, dan is er een medemens die voor jou een boodschap, goede raad heeft. Laat het hoop op een betere wereld met onbaatzuchtige liefde zijn die je weg verlicht!
Gera Hoogendoorn-Verhoef.