Met Pasen houden mensen zich bezig met eieren zoeken, kaarsen in de vorm van eieren voor het raam, houtvuurtje buiten in de tuin. Er wordt paasbrood gegeten en voor wie het goed heeft, zijn er chocolade eitjes. Matzes worden gegeten als symbool voor de ongezuurde koeken die het Hebreeuwse volk at toen het uit Egypte, het land waar het leefde als slaven vertrokken, de vrijheid tegemoet. Dat feest – Pascha – was de eerste Joodse Paasviering: de herinnering aan de bevrijding van het Hebreeuwse volk uit de slavernij van Egypte.
Later kreeg het Paasfeest zijn betekenis van de verlossing van het volk door de kruisdood van Jezus Christus. Eerst kijken we er even naar waarom het volk en waarvan het volk (wij allemaal dus) dan wel verlost moest worden: Ieder mens die in zijn verstandelijk denken, zijn bezit zijn doel en toevlucht zoekt, is slaaf geworden daarvan als hij zijn innerlijk leven en zijn geestelijk doel daarbij opoffert. Kort gezegd: ieder mens die leeft voor de materie en zijn hoger geestelijk doel uit ogen verliest of er niet in gelooft en dus al zijn wezenlijk welzijn – dus het welzijn van zijn ziel – opoffert om maar zo veel mogelijk te winnen aan plezier, rijkdom, macht, wellust – wat allemaal maar tijdelijke belangen zijn en afhankelijk zijn van veel onzekere materiële factoren – en dus veel beperking brengen al leek het aanvankelijk winst op te leveren, is slaaf geworden van de vijand van God: het kwaad dat afhoudt van wezenlijk goed doen dat liefhebben, dienstbaarheid, mededogen, kortom de liefde is die God bedoelt. Zolang een mens zijn eigen egoïstische doelen nastreeft is er lijden en zal er lijden zijn. De mens ging eraan kapot. Daarom moest Gods leer bij de mensen bekend worden. Toen de mens God en Zijn adviezen begon te vergeten of naar zijn hand begon te zetten en er allerlei leed ontstond, kwam God in de mens Jezus op aarde om de mens Gods leer bekend te maken en vóór te leven. Zelfs zo dat Hij Zijn leven als onschuldige gaf, maar weer verrees uit de dood als teken dat het mogelijk is, dat een mens die Gods wil doet, eeuwig in de geestelijke wereld verder leeft en dood kan overwinnen. De bevrijding uit Egypte is niet alleen een verlossing uit slavernij uit Egypte geweest, maar is ook metafoor voor de verlossing van ieder mensenziel die volgt na het inzien dat de weg naar heelheid en vrijheid nooit mogelijk is door de materie tot steun, doel en basis te verklaren, maar alleen door het volgen van Gods woord van Liefde voor Hem, de naaste en zichzelf. Dat levend worden tot in de kern, is ook een opstanding uit de dood!
Bij het Paasfeest wordt het feest gevierd dat de mensenziel levend wordt door de dood van eigenliefde, dus het loslaten van eigenwaan en liefdeloosheid wat eerder gevangen hield in een vijandig land waarin de liefde slaaf was van uiterlijke belangen. Het is het opstaan uit onwetendheid, liefdeloosheid tot de liefde tot God en medemens.
De Egyptenaren – ook een heidens volk – wisten niets van God. Zij dienden bij gebrek aan beter weten hun goden. Heidens betekent trouwens niet ‘slecht’ of ‘fout’, maar onwetend van Gód. Een ‘heidens’ volk was een volk dat God – de liefde als bron en doel van het leven – dus nog niet kende. Dat wil niet zeggen dat ze meteen alles maar fout deden. Wel bleef men hangen in bijgeloof dat leidde tot bizarre rituelen die niets tot nut hadden, regels die tegen de liefde ingingen en barbaars, destructief bedrag veroorzaakten omdat kennis hen (vanuit de Bijbel) ontbrak, en zij geen leidraad hadden de eigenbelangen te overstijgen. Hierdoor bleven ze langer in een ‘Pre Historische’ en mensonwaardige leefstijl en bleven dus achter in ontwikkeling. Dit gaf de negatieve betekenis aan het gezegde: ‘je lijkt wel een heiden’. Een heidense leefstijl leidt tot verval, oneerlijkheid, grenzeloosheid, ziekte en dood. De mens moest ervan verlost, maar hoe zou dat kunnen zonder leiding en kennis van hogerhand?
God had het Hebreeuwse volk – de Israëlieten – uitgekozen als ‘uitverkoren volk’. Dit dient zo gezien te worden dat dit volk als enig volk al besef had van de ene God die er was, die alles had geschapen, het leven zelf was en als hoogste gediend moest worden. Bij dit volk zou Gods leer kunnen binnenkomen en gaan groeien. Deze leer ‘Dien Mij als hoogste en heb je medemens lief en dien hen en jezelf daaruit‘ stond nog veel te ver weg van het bevattingsvermogen van de heidenen bij wie deze leer vanzelfsprekend nooit zou zijn opgepakt. ‘Uitverkoren’ betekent niet bevoordeeld, meest geliefd, de beste of meer waard! Uitverkoren zijn is wel bevoorrecht zijn omdat het een vóórrecht is God te kennen en naar Zijn wil te leven opdat zo min mogelijk ellende feit zal zijn en er volop ontwikkeling en welvaart mogelijk is. Uitverkoren betekent niet beter zijn dan de ander, maar kennis, kracht hebben om het zo goed mogelijk te doen om zo veel mogelijk leed te voorkomen! Immers, waar een mens zich daartoe zet, zal hij hogere doelen stellen dan tijdelijke, lagere, uiterlijke, lichamelijke. De mens die weet wat er vanaf hangt, zal eerder de stem van zijn geweten volgen als hij weet dat dat hem het goede, betere zal brengen en hem zal beschermen tegen onnodige pijn en leed. Wéét je dat dat geweten versterkt en gezuiverd wordt door het volgen van Gods raad en leiding, dan is het aan jezelf te wijten als je dat betere niet wilt en toch je eigen beperkte inzicht en wil verkiest, waardoor je je allerlei moeiten en ziekten op de hals haalt. Waar iemand die bevoorrecht is God te kennen, Hem niet volgt, kan hij enorm veel leed, onrecht en partijdigheid veroorzaken en verwarring brengen. Elk mens die God kent, wil kennen, en Hem in zijn leven erkent, toelaat, dient en probeert te leven naar wat God wil, is een Israëliet…
Middels het uitverkoren volk zouden de heidenen kennisnemen van Gods levensleer en adviezen, opdat de onmenselijkheden zouden ophouden te bestaan. Het uitverkoren volk kreeg middels Gods voord de liefdevolle en wijze adviezen mee, waardoor dit volk gezond zou worden en zou blijven. Zij zouden tot voorbeeld dienen voor alle volken om hen heen. Aan dit uitverkoren volk werd expansie beloofd. Zodoende kon het volk immers andere mensen onderwijzen en tot voorbeeld zijn en op gezonde wijze ‘de wereld bevolken’. Het volk moest zich dan wél aan de adviezen (10 geboden) van God houden, opdat het hen gezondheid, welvaart en kennis zou brengen. Het volk zou met die kracht die God hen zou geven de heidenen kunnen overwinnen…
Al die vaak wrede oorlogshandelingen in met name het boek Deuteronomium in de Bijbel waren nodig om de teloorgang van tig onwetende mensen te stoppen, uitbreiding van epidemieën en besmettingen te voorkomen en sociale en medische wetten en leefregels bekend te maken en in te voeren bij onwetende mensen die leefden zo goed als op dierlijk, mensonwaardig niveau. Ook moest voorkomen worden dat de mensenzielen ten onder zouden gaan aan pure liefdeloosheid. Ieder mens hoort immers bij God. Alleen.. als je dit niet weet, kun je er ook je voordeel niet mee doen. Als een mensenziel dermate vergroeid is met verkeerde gewoonten en overtuigingen die hem slaaf en liefdeloos maken, is er soms maar nog één weg. Dat is de dood, waarbij de ziel in het hiernamaals heropgevoed kan tot een beter leven. Voor onze tijd is het niet meer zo vanzelfsprekend de dood te zien als verlossing, sluitstuik van een loopbaan door de materie teneinde vrij te zijn in de geestelijke wereld.
Zou de mensheid Gods leer nooit hebben leren kennen, zou geen mens meer in redelijk welzijn kunnen bestaan en zou geen ziel de volmaaktheid in God kunnen bereiken. De eigen wil en tekortkomingen zouden dan gezien zijn als enig goede, waaruit allerlei onmenselijkheden zouden zijn voortgekomen. In alle beschavingen is Gods woord, hoe dan ook nog steeds de basis van wetgeving betreffende mensenrechten, leiderschap, sociale en medisch wetenschap. Dat mensen God en Zijn boodschap en leer vaak niet erkennen en toelaten in hun leven en Zijn woord niet begrijpen en verkeerd uitleggen, zorgt vaak voor de grote onwetendheid en liefdeloosheid die welk extra (onnodig) lijden dan ook veroorzaakt en menige mensenziel gevangen houdt. Gods liefde wil koste wat het kost en met respect voor de vrije wil – die ieder mens zijn hoogste goed is – voorkomen dat de ziel vergroeit met haar materie en onbewust blijft, dus lijdt.. God laat de soms meest vreselijke dingen toe opdat een ziel tot inkeer komt. God wil deze ellende niet, maar soms is ellende een keerpunt voor iemand, of ook voor een volk. Het is Gods wijsheid die alles kent en overziet enhet is Zijn liefde die alles gebruikt ten goede en alles mogelijk maakt.
Ook uiteraard de afgodsdiensten waarbij mening (mensen)bloed vloeide moest gestopt. Dat kon natuurlijk alleen maar als het uitverkoren volk zich zou houden aan wat God het opdroeg en iets beters te bieden had wat van waarheid en juistheid getuigde. Het volk kón ook weten wat te doen en te laten via de profeten, zieners en Gods woord dat toen nog bij menig mens werd verstaan. Het volk kon dus met recht heidenen het goede leren, tenzij het zelf ging afwijken van Gods wijze en liefdevolle leer.
We dienen ons te bedenken dat men toen leefde in de tijd van het Oude Testament. De liefde tot God was nog niet algemeen. Wél het ontzag voor God omdat God als Enige Leids- en Raadsman werd gekend die je alleen kon dienen door simpelweg trouw te zijn aan het wettische. Dit is wat het volk toen kon bevatten. God had gewaarschuwd dat het volk zich koste wat het kost zou moeten houden aan Zijn verordeningen en zich niet diende af te vragen waarom of waartoe, maar Hem te vertrouwen. Zo moesten de Israëlieten bepaalde gezondheidsregels en voedingswijze in acht nemen met als doel sterk en gezond te blijven. Ook dienden zij offers te brengen om telkens herinnerd te worden aan hun kleinheid en nietswaardigheid zonder God, opdat zij juist sterk en groot zouden worden. Zo moesten zij het beste van zichzelf of hun bezit aan God geven. Zonder tevredenheid en dankbaarheid zou het volk hebberig of lui worden en God denken niet meer nodig te hebben. Ook fouten moesten zij goedmaken door schuld bekennen en brengen van offers. Dat houdt je recht… Ze mochten zich niet vermengen met andere volken. Hun specifieke DNA zou immers dan vermengd en dus verzwakt of in ieder geval ongeschikt worden om het volk voor God te kunnen zijn. Niet zo vreemd ook dat God had opgedragen zich niet over te geven aan andere (heidense) gewoonten en afgoden. Ze zouden er nooit meer de motivatie en kracht door vinden Gód als hoogste te erkennen en… te vólgen, of te wel Zijn wil te doen. Zodra het volk al snel begon af te dwalen van Gods woord, kreeg het volk of de persoon met persoonlijk leed of algehele problemen te maken. Niet als straf, maar ter bewustwording, dat als je je eigen weg gaat en je Gods wil loslaat, het je niet meer goed gaat. Je hebt leiding nodig en je dient God in je hart te volgen. Wist jij het zelf niet of was je zwak, dan ging je naar je leider die het in Gods naam wél wist… Je aanvaarde dat gezag. Je deed wat de wijzere, je meerdere wist dat goed was… Het geweten in het hart moest ontwikkeld door tijden heen, maar de basis was er al wel. De mens was alleen toen nog niet rijp om zelfstandig in alles zijn hart waar God zou spreken, te volgen. Hij moest immers nog heel veel leren en gaan weten. Hij moest het vaak nog hebben van zijn meerderen, die wel dat lijntje met God al of nog hadden.
Toen het Israëlische volk het te bond hadden gemaakt en God vergat, werd het in ballingschap gevoerd onder heidense volken. In die lange tijd vermengden de Israëlieten zich met deze volken en namen ook hun afgodsdiensten over. De ballingen vergaten God in die honderden jaren dat zij onder andere volken leefden. En wie God nog wel trouw gebleven waren, wisten ook het fijne er niet meer van. Toen zij terugkwamen naar Israël na lange, lange tijd, werden zij kerkelijke leiders ten tijde van het leven van Jezus Christus en de Romeinse bezetting. Veel inwoners waren vertrokken. Het land was in verwarring en nood en bood ruimte voor de ‘nieuwkomers’ die veel kennis vanuit allerlei wetenschappen hadden opgedaan, en dankbaar werden ontvangen. Hun kennis was nodig in een bezet land, vervreemd van zichzelf. Vreemd is het niet dat deze nieuwe leiders – de Farizeeërs – Jezus niet als De Verlosser, de Messias herkenden maar Hem als oproerkraaier en heiligschenner zagen en het niet konden uitstaan, dat Jezus veel volgelingen had en wonderen deed, die zij als wetsgeleerden niet konden, hen herinnerde aan hun schijnheiligheid en hoogmoed alle eer te willen hebben het het volk te misbruiken. Ook de Romeinen zagen in Jezus Christus een bedreiging voor Herodes’ koningschap, alhoewel zij milder waren dan de Farizeeërs, die prat gingen op hun wettische kennis, maar er een misdadig leven op na hielden en hun gezag ondermijnd zagen worden door Jezus.
De 12 stammen van de Israëlieten die eerder in Israël leefden, waren al langer uitgewaaierd over de hele wereld. Uit deze mensen is nét zo goed de echte Israëliet bewaard gebleven, als zij zich hielden aan Gods adviezen en leefregels. Jij en ik kunnen dus nét zo goed behoren tot het ‘uitverkoren volk’! Iedereen is in principe een kind van God, ongeacht ras of cultuur. Het is bepalend of je een IS – RA – EL – IET wilt zijn en ook bent door je leefstijl dat getuigt van het volgen van Gods woord. Het gaat om je hárt! ‘Israëliet’ betekent ‘KIND – VAN/MET– GOD’. Ieder mens die dit wil, hoort erbij!
Het lentefeest van de heidense volken was een feest zoals bijvoorbeeld de Germanen en de Romeinen dit vierden. Het was een feest van het licht en van het nieuwe leven. Het heidense geloof was een natuurgeloof. Daarin werden de aarde, goden en godinnen vereerd die zorgden voor de groei en het nieuwe leven in de natuur. Godinnen en goden waren oorspronkelijk eigenschappen van de ene God die ze niet meer in vizier hadden. Heidenen hadden de overtuiging dat de eigenschappen (van de ene God), óók aanbaden moesten worden, wilde je voorspoed en geluk kennen. Het idee om offers te brengen om goden te plezieren, was geboren. De zon speelde daarin een hoofdrol, evenals de maan. Deze brachten immers het leven en het noodzakelijke licht. Iedereen begreep wel dat dat belangrijk was en voorwaarde voor leven, actie en ook rust. Vandaar gebruik en aanbidding van licht en vuurelementen, wat we in vele vormen bij Pasen tegenkomen.
Later in de tijd begreep men niet meer dat de ene God alle eer diende te krijgen en alle goede eigenschappen uit Hem voortkwamen en werden de eigenschappen gezien als zelfstandige goden die alle eer kregen. God verdween op de achtergrond. Sterker nog, men vergat God als bron van leven. Later weer kwam God terug maar dan als boeman, verwijzer naar hemel en hel bij wie je in de gunst kon komen door het doen van rituelen, brengen van grote offers, ascese, kortom allerlei liefdeloze zaken. Men kon zich minder en minder in verbinding stellen met de altijd al aanwezige vonk in ieders hart: de liefde die het leven schept, in standhoudt en verandert. De kerkgeleerden lanceerden hun eigen ideeën van hoe God het beste gepleased kon worden en zorgden voor angst en slaafsheid. Óók een Egypte waarin de mens gevangen kan zijn… Automatisme, je kostje denken te kunnen kopen, ‘ik een beetje meer dan jij’ groeiden. Het licht in de wereld verdween met de opkomst van verstandsdenken, wetenschap, techniek, lichamelijkheid en materialisme. Het leek allemaal beter te zijn dan het natuurlijke eenvoudige leven volgens de orde van de natuur geleid door … dienstbare liefde. Paasfeest werd in plaats van een feest waarin je de groei van vruchtbare liefde eerde zoals Jezus dit had laten zien met zijn kruisdood, een feest van eieren, kuikentjes en lente. Van doden van je ego wilde en wil men minder en minder horen. En als je dan nog de naam Jezus noemt, begrijpen velen niet meer wat de zin is van Zijn leven en vragen velen zich af of of het niet gaat om een sprookje. Een verzinsel omdat we toch mans genoeg zijn om zélf ons leven te leven…
Paasvuren ruimen oude rommel van de winter op. Je verbrandt met veel plezier het vuur, de dingen die voorbij gegaan zijn. Ze maken ruimte voor nieuw leven in en rond jezelf. Eerst opruimen van troep, liefdeloosheid, onwetendheid, wil je het nieuwe vruchtbare kunnen toelaten. Het kan pas lente – tijd van nieuw leven – worden na de winter, tijd van dood, waarin zoveel verdwenen leek te zijn, maar in het verborgene er echt toch nog was. Zo lijkt ook de zon te zijn verdwenen in de nacht. Deze is er echter wel degelijk, alleen… we zien hem tijdelijk niet meer omdat we altijd leven vanuit meer één enkele positie ( plaats, ervaring of gedachte).
Ook de eieren hebben met Paasfeest te maken. Het ei is dan symbool geworden van vruchtbaarheid en nieuw leven. Eieren zoeken, eierslaan, eitje tikken, ei-lopen, ei-dansen enz. Het zijn allemaal gebruiken, die bedoelen het leven en de vruchtbaarheid te bevorderen en dankbaar te zijn voor nieuw leven, of dat nu in de natuur in een bloem, een nieuwe dag, een nieuw dier of een pas geboren kindje is, of een nieuwe visie, nieuw geloof, nieuwe levenbrengende overtuiging in jezelf, of de groei van liefde in je eigen hart. Allemaal vormen van opstaan uit de dood tot nieuw leven! In het ei onder de dichte schaal begint het nieuwe leven. Je ziet er niets van. Je moet het ei alleen koesteren met veel geduld en rustig wachten tot dat nieuwe leven klaar is om geboren te worden. Je moet een offer brengen. Immers, het ei komt niet vanzelf uit. Je zult het moeten verwarmen door eigen inzet. Zo is het ook met ons persoonlijk. We moeten wachten totdat een nieuwe Ik in ons geboren kan worden uit mogelijk doffe ellende. Maar… wat er dan tevoorschijn komt heeft alle kansen om te groeien in de talenten, eigenheid, die er eerder niet leken te zijn! Nieuw leven is de vrucht van werkzaam willen zijn in liefde, samenleven, dienen, echt zijn, overwinnen van polariteiten, samenvoegen van het manlijke en het vrouwelijke. Ook weer nieuw leven dus uit 2 uitersten die op zichzelf staand blijvend, géén nieuw leven kunnen voortbrengen.
Dan hebben we ook nog het Paasbrood. Men heeft wel gedacht dat dit gebruik teruggaat tot de tijd van oude offerrituelen. Na het brengen van offers werd er flink gegeten als een soort beloning voor het ontberen, het vasten, het jezelf onthouden van extra’s. Het broodje, de cake na de begrafenis is eigenlijk ook een herinnering aan een nieuwe start na iemand weg te hebben moeten brengen. Een einde aan de vastentijd. Gaan léven na pijn… Eten om weer sterk te worden. Levendig, krachtiger dan eerder en herstellen van pijn en verdriet.
Paasbrood bevat noten, rozijnen en spijs. Deze ingrediënten staan voor een rijk leven. Eenvoudig brood is opgeleukt met extra’s, zoals het leven gemakkelijker, fijner wordt als er krenten in de pap zitten. Het zoete van Paascake en vele geglazuurde gebakjes, enz., staat voor de zoetheid van de liefde, die in staat is een mens te bevredigen in hunker naar gezelligheid, warmte, liefde, aandacht van de ander.. Het maakt het eten (het leven leven) veel aangenamer en makkelijker.
Op Paasmorgen zetten ouders een mandje met paaseitjes of andere lentesymbolen voor de slaapkamerdeur van hun kinderen. Een groet ‘goedemorgen, opstaan! Het is de oproep om wakker te worden, een nieuwe dag (fase) met nieuwe kansen (licht)’ te beginnen en je oude hart te vullen met licht. ‘Trek je goede kleren aan’. (omhul jezelf met liefde, goede daden (licht) die jou verfraait, is de uitnodiging en wees blij en vier het leven!
De Paasbrunch, een morgenmaaltijd met elkaar om te vieren dat je ‘opgestaan bent uit de dood, of te wel bent opgestaan uit oude, boze, verdrietige nacht van ellende die je met je meedroeg. Het is een achter je laten van wat was, om dan nu voortaan te leven in licht, (van de zon als symbool van God – de liefde – die elke dag weer bij je is) dat je verwarmen zal.
Je buik dik eten is in gunstige zin symbool voor genieten van de mooie dingen van het bij elkaar zijn – of als dat niet zo is – in ieder geval blij zijn met het leven in jezelf dat je vooruit doet gaan om oud zeer te overwinnen .. Het zoete geeft je weer energie, voeding om dat wat in je hart leeft, te laten zien. Dat is het opstaan. Levend worden. Bevlogen, geestdriftig worden om dat wat liefde is te gebruiken en weten dat je geholpen moet worden door de ander. Er voor elkaar zijn is waar het om gaat in het leven. Samen delen, samen spelen. Hulp vragen en hulp geven is het samen werken aan herstel. Dat is opstaan uit de dood. Niet meer onwetend, onvermogend, hulpeloos, depressief zijn, maar mondig, bewust, levendig vol goede moed om je echte ik in de strijd te gooien, na je ego te hebben gekruisigd, omdat God dit wil! Na dus het onechte te hebben afgelegd, wat eerder pijn deed, je krenkte.
Pasen wordt gevierd op de zondag na volle maan. De volle maan staat voor het licht in de nacht wat de weg wijst uit het donker. Leven na dood. De maan is symbool voor lichtbakens in de vorm van verrijkende zaken die het leven gemakkelijker maken, als het lastig is de weg te vinden. De maan staat ook symbool voor wijsheid, mooie woorden, wijze mensen op je pad. Maar het licht op de Paaszondagochtend dat de zon bij opkomst geeft, is wat wezenlijk leven geeft. Licht op de ochtend is nog sterker. Het is immers de zon die haar licht bij opkomst geeft. De zon is symbool voor God, de Liefde die het leven geeft. De ochtend – je nieuwe ik – begint na de nacht van onwetendheid en gebrek aan liefde. De dag – het volle bewustzijn – begint met de ochtend om dat nieuwe gestalte te geven. Na de nacht (van slapen, inactief, onbewust zijn) begint de dag (van actief zijn, wakker worden, bewust worden) en dan nu dus handelen vanuit een nieuw besef. Paasfeest vier je dus ná de dood van je ego en die van het slaaf van je lichaam of de buitenwereld zijn. Een verlossing dus van het kwaad en uit Egypte. Het kruis is het op je nemen van wat je niet leuk vond, lastig was. Je leerde zodoende dragen wat donker was, maar kwam erdoor bij je eigen ik. Je wezenlijke kern, God in jou die daarmee opstond in jezelf en je hart dat eerder een donker graf was met een dikke steen ervoor (je verstand dat het beter wist) tot een bloeiende tuin maakte.
Zonder liefde geen leven.
Zonder zon alles dood.
Zonder God, bron van licht en leven, geen bestaan voor wie dan ook.
Paasgebeurtenis: Op Witte Donderdag werd Jezus gekruisigd. Er was al eeuwen voorspeld dat Hij na 3 dagen zou opstaan, wat ook gebeurde. Pasen vieren is de moeite waard, als je je bedenkt dat een onschuldig volmaakt mens onterecht wordt veroordeeld, gemarteld wordt en evenals de grootste misdadigers wordt gedood na een lange lijdensweg via een kruisiging en vervolgens levend gezien wordt en alle misdadigers en onwetenden ook nog eens vergeeft en wil dat ze thuiskomen in zichzelf!
Betekenis van Pasen: mensen meegeven dat als je je ego en je lichaam kruisigt, de liefde verschijnt. Anders gezegd: dat wat je ego, je beledigd voelen, de niet liefde in je, je gekwetst voelen aan de hoogste boom hangen. Dat wat je lijf wil, wat lang niet altijd goed voor jou of een ander is, beheersen. Er afstand van doen, wanneer het je kilte, lijden, last brengt. Anders gezegd: je ego doden, de nácht waarin je leeft, stoppen door een offer uit liefde te brengen: Dat is goed zijn voor jezelf en de ander, waar je maar kunt en het een keer niet om jouw ego, jouw kortzichtige eigenbelang laten gaan, maar om wat wezenlijk goed voor jou is en vandaaruit er zijn voor de ander die jij nodig hebt om er goed aan te kunnen doen, of jou nodig heeft om van jouw echtheid beter, gelukkiger, sterker te kunnen worden. Goed doen is niet bang zijn iets leuks te missen, maar de ander voorop zetten en er zelf beter van worden, omdat het je goed doet voelen en trots doet zijn op wat en wie je bent. Je ontleent je eigenwaarde aan wat je kunt betekenen voor de ander. Deze liefde doet iemand leven en de dood, narigheid in het leven overwinnen.
En wat je zelf niet kunt, hoeft ook niet. Dat heeft Jezus gedaan. Jezus liet zien door Zijn offer, dat alles goed komt als je bereid bent zélf een offer te brengen. Als je intentie maar goed is, doet de Liefde de rest. Het is God die je aan het werk moet laten waar jij het wel wilt, maar niet kunt! Eigenlijk is het de bedoeling van Pasen dat we gáán of blijven geloven in de kracht van de Liefde die Jezus vóórleefde. Het gaf Hem gezag over materie, dus ook over Zijn lichaam waardoor Hij het kwaad – de liefdeloosheid om hem heen – overwon. Nu kun je zeggen, dat dat niet bepaald heeft gewerkt als je kijkt naar al het leed wat er in de wereld is. Dat is nou juist het probleem. Ieder mens kan ZELF het kwaad in hem overwinnen, door zijn ego op te geven en te doen wat de zuivere liefde en waarheid in hem willen. Leed stopt dan daar! Maar hij moet dat dan wel doen en er in blijven geloven, ook al doet de ander het niet en is of was hij een last voor je en ga je door een moeilijk leven.
Waar mensen de liéfde kruisigen – dat wil zeggen de liefde in hemzelf en anderen negeren – krijgt het ego, het verstand, het lichaam de macht en het grootste woord. De zachtheid, het geduld, de dienstbaarheid verdwijnen dan. En…. extra lijden is geboren.
Oproep van Pasen is dan ook: geloof in de kracht van de Liefde, laat deze opstaan uit je eigen graf – je hart vol somberheid, pijn en ongeloof – waarin je doodligt (de liefde niet ziet, niet gebruikt). Dat ‘doodliggen in je graf’’ kan voorbij zijn als je de zon binnenlaat. Dat kan alleen als je de steen voor je hart wegrolt. Dat zul je dan wel zelf moeten doen, of moeten toelaten. Opstaan uit je graf moet je willen. Gebruik de liefde. Dat is het navolgen van Jezus, die het laatste restje van Zijn ego – en dat was al niets – opgaf, om de Vader – het wezenlijke van de liefde dat in Hem is – de ruimte te geven. Het zal als gevolg hebben dat het leven gemakkelijker wordt, al lijkt het in eerste instantie slechter te worden! Dat is met alles wat je na een lange tijd achter je gaat laten. Je denkt het te zullen missen en bent bang om te beginnen aan de verandering. Toch, als je gelooft in je plan, heb je er ook de kracht voor en zal een nieuw stuk in jezelf aan bod gaan komen. Je zult dan ontdekken wat je kracht is en je mogelijkheden. Dat is het opstaan uit je dood. Je zult dan afrekenen met een oud leven van pijn en ongemak, stoppen slachtoffer te zijn en… gaan leven in dienstbaarheid. Alleen namelijk het er zijn voor de ander – al heb je zelf niets, of dénk je niets te hebben – leidt je af van je problemen. Alleen het er zijn voor de ander geeft werkelijke voldoening, want de dankbaarheid of groei van de ander doet je goed en geeft je werkelijk wat je diep van binnen zoekt. Alle glamour, vermaak, lekker eten, luxe, leuke dingen zijn tijdelijk leuk. Ze maken het leven fijn, aantrekkelijk en makkelijk. Maar…. als al deze dingen wegvallen, wat blijft er dan over?
Het is de tevredenheid die je ervaart van er zijn voor elkaar, niet alleen zijn, iets doen voor de ander, of ervaren dat een ander er voor je is. Deze dingen zijn wezenlijk en voegen iets toe aan je ziel die hunkert naar vrede, blijheid en waardering voor te mogen zijn wie je bent.
Paasfeest is er een herinnering aan dat je op zondag – dag van licht, die er elke dag kan zijn – kan beginnen, kan opstaan uit je lange nacht, een prachtige dag tegemoet! Eerste Paasdag is de dag (het moment) van het licht, inzicht, opstaan uit je oude ik, met een nieuw ik ontdaan van alle schuld, kwade neigingen, ongeloof, hopeloosheid, gewelddadigheid, agressie, lethargie en depressiviteit. De Liefde die zuiver is en dienstbaar, heeft het laatste woord!
Daarom is het dat Paasfeest een feest van leven is in plaats van dood. Dood (onwetendheid, kwaad) kan pas overwonnen worden door de nacht, onwetendheid achter je te laten en in het volste vertrouwen aan een nieuwe dag te beginnen, waarin je zin hebt, dus met je hart vol moed en vertrouwen aan de gang gaat om dan nu eens echt jezelf te laten zien, zoals God, de liefde jou heeft bedoeld.
Fijne paasdagen en … wordt wakker, sta op! Iedere dag is weer een nieuwe dag, met nieuwe kansen. Wat jij niet kunt, kan God door Jezus. Vraag het Hem…
Gera Hoogendoorn-Verhoef